Deze maand

Sommige mensen, en ik ben een van hen, menen dat er weinig gaat boven de ongezouten werkelijkheid. Men kan verzinnen wat men wil, maar slechts zelden overstijgt dat de duizelingwekkende kwaliteiten van de realiteit. Het nadeel van deze overtuiging laat zich evenwel raden: het valt zelden goed vast te stellen wat die ongezouten werkelijkheid precies behelst. Wil men niet vervallen in de apodictische speculatie die religie, praatshows en economen zo grappig maakt, dan rest doorgaans weinig an­ders dan zwijgend en hulpeloos te staren in de ondoorgrondelijke mist van de reëel bestaande toestand.

Deze maand was een uitzondering. Dit keer hoefde men zich niet vast te klampen aan de woorden van George Orwell dat de realiteit toch alleen bestaat in de menselijke geest. Dit keer staarde de werkelijkheid glashelder en zonder mededogen terug. Wie iets wilde weten over het huidige geestesleven in ons land behoefde slechts te signaleren dat in de week van het overlijdens van Wim Brands zijn programma ‘VPRO boeken’ toch al niet doorging omdat de marathon van Rotterdam integraal werd vertoond op dezelfde televisiezender. Alle 2 uur, 6 minuten en 11 se­conden van de winnaar, plus voor­beschouwingen, nabeschouwingen en aanverwante verbale schermvulling kregen wij opgediend.

Het gaat mij er niet om dat bij deze marathon die het boekenprogramma op voorhand had verdrongen de eerste Nederlander op plaats 58 eindigde, en de volgende op plaats 79. Het gaat mij er ook niet om dit kleine plakje realiteit hier met grote woorden op te voeren als iets dat cultuurpessimisten zouden zien als een voorbeeld van hoe ‘het evenement’ alle intellectuele leven verstikt. Cultuurpessimisme is immers altijd meer aandoenlijk dan overtuigend. Hier zult u dus niets lezen over het gegeven dat het bijna lachwekkend sombere boek Notes on the Death of Culture; Essays on Spectacle and Society uit 2015 van Nobelprijswinnaar Mario Vargas Llosa in geen enkele Nederlandse krant of tijdschrift werd besproken of zelfs maar genoemd – nu ja, geen enkele krant of periodiek die door mij wordt gelezen, en dat zijn er natuurlijk steeds minder nu ik kan kijken naar de complete Rotterdamse marathon.

Neen, klagen over culturele neergang is voor de humorlozen. Men hoeft maar te denken Notes Towards the Definition of Culture van T.S. Eliot, de bundel apocalyptische krantenessays uit 1948 waarin de dichter, toneelschrijver, cultuur­filosoof en literatuurcriticus ernstig betoogde: ‘Ik zie geen enkele reden waarom de neergang van de cultuur niet nog veel verder zal doorzetten. […] We kunnen zelfs binnenkort een periode verwachten waarover het mogelijk is te zeggen dat die helemaal geen cultuur meer heeft.’ Maar ja, toen moesten de kleurentelevisie, Harry Mulisch, de pc, het internet en twitter nog komen, dus wat wist deze Nobelprijs-winnende antisemitische kattenliefhebber er eigenlijk van?

Dit alles verbleekt bij wat ons deze maand in de ogen staarde. Nederland is denkelijk het eni­ge land in noordwest Europa waar een boekenprogramma op aanwijzing van een netmanager moet wij­ken voor een hardloopwedstrijd. Ik weet niet wat dit betekent, maar wel dat dat het zinloos is hierover te mopperen – dit nu is de ongezouten werkelijkheid, en wij hebben haar geschapen. – BB