Gedicht

door Maaike de Wolf

In stukken verder

Achter grote ramen staat een kerkleider van bordkarton te wijzen

naar de warmkleurige boekomslag van zijn bestseller.

Een aanstaande nacht

blauw licht waarin mijn benen wegvallen.

Kom, kom – gratis film, pizza, test.

Ze geven niets om labels en voorkeuren, zeggen ze, zo

ruim en internationaal van gedachten deze kerkgangers

in doodgewone truien, types die niet botsen.

Ze serveren een zacht vragenvuur, een quattro stagioni,

lekkende artisjokkenharten uit blik.

Visionair blijk ik, gevoelig en continu in ontbinding.

Het leven is een puzzel in jouw ogen, zeggen ze, een spel!

Jij kunt niet zonder vuur, jij bént het vuur, zou je niet

feller willen branden?

Beter worden, slimmer, heter?

Blijf dan.

*

Er is een nacht die bestaat uit drie mensen

elk met een verrassend hart.

Eén van hen wil Nederlands van je leren.

Eén van hen wordt gearresteerd, haar volle tong nog in je mond.

Eén van hen draagt een gevaarlijk litteken, hij beschermt je tot aan de pinautomaat.

Eén van hen steelt je iPad, maar gooit ’m de volgende dag door je brievenbus.

Eén van hen ziet je billen voor mannenbillen aan.

*

Van mijn nieuwe vrienden ben ik de enige die vindt dat de gangbare medicatie

naar karton ruikt en ik weiger alles wat ze me voorschrijven.

Ze wegen me en zeggen: zolang je maar weet hoe je hier weer uit komt

en dan knik ik en volgt een gesprek over de gevaren van boter.

Ik waarschuw dat ik ook geen lever en olijven eet

verbeter op aanraden mijn vocabulaire

mijn jammerlijk gewicht

persoonlijke hygiëne, ik beloof

voortaan wattenstaafjes te gebruiken

op de juiste manier.

*

Misschien verzin ik één van die mannen, met littekens en al.

Hij rijdt een witte Prius en weet me feilloos op te sporen in de nacht.

Ik wil hem best betalen om met me te slowen in een 24-uursclub.

We maken ruzie om een tientje.

Warm en hongerig komt hij later thuis met een tas vol leren telefoonhoesjes.

*

Het is soms lastig kiezen:

een leugenaar te zijn

een waarheid te erkennen.

*

Een geloof dat onze voetjes verwarmde onder in een slaapzak.

Een net niet in je buik passende waarheid.